Het imago van lood

De naam “zware” metalen

Het element lood behoort tot de zogeheten ‘zware metalen’, samen met de volgende zeven elementen: arseen, cadmium, chroom, koper, kwik, nikkel en zink. Veel van deze elementen zijn als sporenelementen noodzakelijk voor het ondersteunen van het biologisch leven. Maar bij hogere niveaus zijn ze giftig,kunnen ze zich opstapelen in biologische systemen en vormen ze een gezondheidsrisico. ‘Zwaar’ slaat in wezen op soortelijk gewicht, maar door berichtgeving is het verworden tot ‘zwaar giftig’. Het ligt ook zo lekker gevaarlijk in de mond: ‘zwáre metálen’.

 

Watervervuiling

Zware metalen worden vaak in verband gebracht met watervervuiling van het oppervlaktewater in het algemeen en met lozingen in het bijzonder. Vanaf de jaren ‘60 van de twintigste eeuw nam de watervervuiling van het oppervlaktewater in Europa heel ernstige vormen aan.
In 1970 trad in Nederland de Wet Verontreiniging Oppervlaktewateren (WVO) in werking. In de jaren erna werden veel maatregelen getroffen: er kwamen zuiveringsschappen, de vervuiler moest gaan betalen en
de industrie moest lozingsvergunningen aanvragen. Dankzij alle maatregelen is het oppervlaktewater de afgelopen 25 jaar geleidelijk aan schoner geworden. De vervuiling van rivierwater is flink teruggedrongen,
de concentraties zware metalen in zoet oppervlaktewater dalen. Inmiddels overschrijdt lood nergens meer de wettelijke norm.

 

Loden drinkwaterleidingen verboden

Lang is lood gebruikt voor het aanleggen van (drink)waterleidingen. Tot in de jaren ‘50 van de vorige eeuw waren loden drinkwaterleidingen algemeen toegepast. Onderzoek wees toen uit dat in de leidingen kleine metaaldeeltjes kunnen loslaten en zo in het drinkwater kunnen komen. Hoeveel lood een volwassene binnen kan krijgen via drinkwater uit loden leidingen ligt ruim onder de wettelijke norm.
Toch werd besloten om loden drinkwaterleidingen niet langer toe te staan, omdat kleine kinderen veel gevoeliger voor lood zijn. Vanaf 1988 is toepassing van loden drinkwaterleidingen verboden in Nederland.

 

Introductie loodvrije benzine

Aan benzine werden tot begin jaren ’90 van de vorige eeuw stoffen toegevoegd om het octaangetal ervan te verhogen; zo werd die benzine klopvaster. Aanvankelijk voegde men tetra-ethyllood toe, maar het lood in tetra-ethyllood kwam via de auto-uitlaat terecht in het milieu; dit bleek zelfs de belangrijkste bron van lood in het lichaam te zijn. Daarom begon men in Europa in de jaren ‘80-’90 om te schakelen naar loodvrije benzine.

Lood heeft de afgelopen decennia een hoop negatieve publiciteit te verduren gehad. Het is niet ondenkbaar en zelfs zeer aannemelijk dat ‘de slechte naam’ die lood heeft opgelopen (nog steeds) van invloed is op de opinie- (en beleids)vorming rondom lood.

Lood in de bouw is echter een verhaal op zich en moet ook ‘op zich’ worden behandeld. Het onderzoek hierbinnen concentreert zich voornamelijk op de invloed op oppervlaktewater. In ruimere zin op de invloed op ‘het milieu’.

Lees verder »


Links

Landelijk Bestuur Overleg water
Ga naar Omgaan met metalen bouwmaterialen